Zwart en grijs

Ik word wakker en voel me goed. Ik ben verbaasd. Gisteren was ik niets waard. Toen mocht de wereld vergaan, wat mij betreft. Ik lijk wel twee personen.

De Margot van gisteren kon niets dan verdriet en angst voelen. Door onrust van de kinderen had ik enorm slecht geslapen. In eerste instantie kon ik me er niet echt druk om maken. Ik kon mezelf geruststellen met de gedachte dat ik de rest van het weekend tijd zou hebben om uit te rusten. Maar naarmate de slapeloze uren optelden, groeide mijn frustratie. Het idee dat ik straks weer dagelijks voor de kinderen zorg en dan dit soort nachten erbij cadeau krijg, maakte me boos. Alleen, alleen, alleen, ik kan dit toch niet?! Iets dat heel klein begon, werd langzaam een enorm probleem. In mijn hoofd. Ik merkte het, ik probeerde mezelf positiviteit in te praten en vooral mezelf te zeggen dat ik dit uitvergrote probleem niet op de kinderen moest afreageren. Dat laatste bleek me niet te lukken. Toen zoonlief uiteindelijk weer aan mijn bed stond, dochterlief erachteraan kwam met het blije nieuws dat de wekker groen was (wat betekent dat ze op hun kamertjes mogen gaan spelen), was mijn vat al te ver gevuld. In een enorme explosie gaf ik de kinderen te kennen ‘dat ze op moesten donderen’, waarna ik de deur achter ze dicht smeet…

Zoonlief begon meteen te huilen en schreeuwde me boze woorden toe. Ik liep naar hem toe. Eerst nog boos, maar al snel verzacht. We hielden elkaar vast. “Sorry dat ik zo schreeuwde en zo lelijk deed, lieverd. Dat was niet nodig en niet aardig”, zei ik. Hij bleef me stevig vasthouden. We knuffelden wat en hij legde uit waarom de nieuwe wekker niet fijn was. We spraken af in het vervolg het nachtlampje niet aan te laten. Het maakte hem in de war. Prima deal. Kus erop. Hij ging lekker spelen.

En ik? Ik kroop terug in bed en kon alleen maar huilen. Verschrikkelijk huilen. Daar was het weer. Het grote gevoel. Ik faal. Ik ben een waardeloze moeder. Ik kan het niet alleen. Ik doe het niet goed. Ze hebben niets aan mij. Ik geef het verkeerde voorbeeld. Het komt nooit meer goed… Nooit meer! Gitzwarte gedachten over het leven. Mijn leven. Ik heb huilend gezegd: “Dit bedoel ik nou. Dit is wat ik niet meer wil. Ik kán het niet. Ik wil deze Margot niet zijn!” Ik voelde me zo rot! Alsof alles voor niets is geweest. Terug bij af. Terug bij dit nare gevoel. Het gevoel er niet toe in staat te zijn.

Wat ik vervolgens heb gedaan, is nieuw. Dat realiseerde ik me op dat moment niet, maar mijn dierbare vriendin wees me er later op. Ik heb namelijk op dat moment, op dat allerdiepste punt, die vriendin en een dierbare vriend een berichtje gestuurd. Met daarin de keiharde waarheid van dat moment. Mijn gevoel. Ik schreef onder andere: ‘Ik haat mezelf, ben gewoon weer een slechte moeder die het verkeerde voorbeeld geeft. Het komt niet goed. Ik ben niet meer wie ik was. Ik wil het niet meer.” De vriend belde vrijwel direct. Ik kon alleen maar huilen. Hij kon niets. Luisteren. Dochterlief stond ondertussen te popelen om te gaan ontbijten. Ik moest verder. En dat deed ik dus. Ik ging naar beneden en maakte de ontbijttafel klaar. Nog even vroeg ik de kinderen bij me te komen zitten. Met z’n drietjes op de grond, dicht tegen elkaar aan. Ik heb nog een keer gezegd dat het me speet. Ik wilde nog veel meer zeggen, maar voelde dat dat meer voor mezelf nodig was dan voor de kinderen. Voor hen was het goed zo. Ze wilden ontbijtkoek en een boterham met pindakaas.

Ik heb de kinderen later die ochtend teruggebracht naar de Regge. Daarna waren er weer tranen. Zoveel verdriet. Me geen raad weten. Margot die het niet meer ziet zitten. De Margot die niet durft te vertrouwen op zichzelf en op de toekomst. De Margot die geen fouten mag maken. Bang voor die explosieve, boze kant in zichzelf, bang dat ze voor altijd ‘zo’ zal blijven. Ze gelooft niet dat het ooit beter wordt. Ze hoopt dat het ophoudt. Alles.

Maar gelukkig stond mijn lieve vriendin op de stoep. We hebben gepraat en gehuild. Omdat het zó groot is. Niet in woorden uit te drukken. Bang. Zo bang. Hoe houd ik dit vol? Hoe ga ik het ooit doen? Het voelt op dit soort momenten alsof er geen licht is. Nergens komt een zonnestraaltje doorheen. Zwart. Gitzwart. Ik ben blij dat ik inmiddels in staat ben deze moeilijkste momenten te delen. Ik zoek steun en troost. Ik durf eindelijk te vertellen hoe zwart dit zwart is. Niet alleen vertellen dát het zwart is, maar ook hoe dat zwart er dan precies uitziet. Hoe die uitbarstingen tegen de kinderen er écht uitzien. Ik spreek het uit, ook al schaam ik me rot. Ik haat mezelf, verafschuw mezelf. Dit ben ik. Ook. Mijn zwarte kant. Zo vernietigend zijn mijn gedachten soms. Zo uitzichtloos voelt het soms. Help me, alsjeblieft!

Het praten en huilen met mijn vriendin hielp me. Daarna heb ik geslapen en ’s avonds nog veel gehuild. Ik appte nog wat met mijn vriendin. Ik vertelde dat ik zo moe en verdrietig was en dat ik niet wist of ik het vol zou houden. Ze hielp me te kijken naar het nu. One day at a time. Ik hoorde het aan, maar zei toch weer dingen als ‘ik heb er weinig vertrouwen in’, ‘ik heb er geen zin meer in’ en ‘ik wil niet’. Waarop ze het toverwoord van de laatste week dropte: loslaten! Je vecht weer, Margot. Je bent weer met man en macht aan het vechten tegen alles. Laat los en geef je over. Aan wat is.

Loslaten. Is dat wat ik moet doen? Wat is dat? Wát moet ik loslaten? Toen mijn oefentherapeute me vroeg wat loslaten voor mij betekent, was mijn eerste antwoord: ‘vertrouwen’. En dat is wat het is. Vertrouwen voelen. In alles. In de pijn en het verdriet, maar ook weer in geluk. Toelaten wat leeft. Toelaten wat ik voel. Weer vertrouwen voelen in de toekomst. Erop vertrouwen dat het beter wordt. Dat zwart grijs wordt. Dat ik het kan. Het verleden gaat met me mee. Mijn verdriet gaat mee, al die mooie herinneringen gaan mee. Ik neem alles mee. Naar morgen. Naar overmorgen. Die dagen weer toelaten. Ze weer invullen met alles wat er is. Is dat loslaten?

Toen ik vanmorgen deze dag in stapte, was ik verbaasd over het enorme contrast tussen gisteren en vandaag. Tussen de wanhoop van gisteren en het vertrouwen van vandaag. Vandaag kan ik de lastige gevoelens er laten zijn. Ze aankijken en omarmen. Het moeilijk vinden, er om huilen, maar kracht vinden om er het beste van te maken. Mijn vriendin schreef me zo treffend: “Het zijn twee toestanden van jezelf. Ze zijn er allebei. Uiteindelijk kun je meer invloed uitoefenen op welke je wilt. Zolang je in die andere toestand steeds maar weet dat deze ook bestaat en dat je een keus kunt maken. Dan kom je er steeds weer doorheen. Een keer zit je aan de top van het lijden en klim je er overheen. Overal zit een max aan. Een lange tijd heb je die top niet willen zien. Met recht. Nu zie je hem. En kun je proberen over die top heen te klimmen. Ik hoop dat je gaat zien of al ziet dat je op die top aangekomen bent. Omdat je met eerlijkheid kijkt nu. Dat je het lef gehad hebt om dat te doen, zegt mij dat je ook het lef hebt er overheen te klimmen.” Dank je wel, lieve dierbare vriendin. Ik ga het zeker doen. Over die top heen. Ik ben bang, maar tegelijkertijd zo vastberaden.

Zelfs na een gitzwarte dag als gisteren, komt er een dag als vandaag. Er is wel degelijk licht. Altijd!heart-of-stone-2690275_1920

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s