Te boos om je te missen

Jou missen. Heb ik dat wel goed gedaan? Zoals het hoort als je geliefde overlijdt? Heb ik huilend op jouw plek in ons bed gelegen? Heb ik je geur gezocht in de kleren in de kast? Heb ik bij het raam gestaan, in de hoop dat je de hoek om zou komen? Een knoop in mijn buik vertelt me dat het anders ging. Dat mijn missen een eigen leven leidde. Dat alle liefde mijn lijf verliet, op dat ene moment. Ik was te boos om je te missen… Lees Meer

Schuldgevoel van een moeder

Ik zit met voorovergebogen schouders in de stoel. Naast me zit mijn dierbare vriendin. Ze heeft de woorden die ik dit weekend uitsprak serieus genomen. Heel serieus. En dus zit ik hier. Bij de huisarts. “Ik kan het niet meer. Ik kan op dit moment niet meer voor de kinderen zorgen.” Ik heb geen idee wat deze woorden voor gevolg gaan hebben. Maar ik kan niet anders dan ze uitspreken. Ik ben lamgeslagen. Ik ben moe. Moe van al het vechten. Lees Meer

Zullen we over de dood praten?

Eind 2011 klopte de dood genadeloos op de deur van mijn zorgeloze leven. Met mijn man
en twee jonge kinderen, een leuke baan en veel lieve mensen om mij heen lachte het leven mij toe. Niets kon mij gebeuren. Het bleek echter zo anders. Op een doodgewone vrijdag in november werd ik in één klap weduwe. Mijn man had zich van het leven beroofd. Onverwacht. Niemand had het zien aankomen. De tijd stond stil, mijn leven lag overhoop. Opeens regeerde de dood mijn leven. Ik voel me geroepen nu op te roepen tot het gesprek over de dood. Om diverse redenen. Lees Meer

Samen zijn we jarig

Ze was buiten aan het spelen, toen ze haar vader aan zag komen lopen. Vreemd, dat gebeurde nooit. Meteen voelde ze aan dat hij niet zomaar naar haar toe kwam. Zijn ernstige blik vertelde dat ook. Ze begreep er niets van. Pas toen hij zei “Ik moet helaas weer naar het ziekenhuis” wist ze waarom hij het haar persoonlijk kwam vertellen. Want het zou betekenen dat hij op haar verjaardag in het ziekenhuis zou liggen. Lees Meer

KerstMis

Kerstmis staat voor de deur. Misschien als een enorme berg om tegenop te zien, misschien als dagen waar je (inmiddels) weer van kunt genieten. Ongetwijfeld zijn het dagen die raken. Raken aan je gemis… Lees Meer

Rouwen en opvoeden

“Ik huil me nog liever kapot!”, schreeuwt hij vanuit zijn tenen. Woorden van frustratie en boosheid. Wat hij voelt is groot en overweldigend. Terwijl ik hem probeer af te leiden, geeft hij me te kennen dat hij niet kán stoppen met huilen. Mijn tienjarige zoon schreeuwt letterlijk om begrip. Mama, blijf bij me. Dat is wat hij wil. Zodra ik hem zeg dat ik niet wegga, bedaart hij. Tranen branden in mijn ogen. Ik huil van binnen om zijn onmacht. En om de steek die ik in mijn hart voel. Ik had meteen het juiste willen doen… Lees Meer

“Papa heeft het zelf gedaan.”

Ze waren nog zo jong. Vier en twee jaar pas. Ik had ze net verteld dat papa dood was. Hoe kon ik in godsnaam ook nog vertellen dat hij die dood zelf had opgezocht? Dat het geen domme pech van een ongeluk of een hartaanval was geweest, maar zijn eigen voetstappen richting die trein? Mijn moederhart wilde hen beschermen. Dood was al onbegrijpelijk genoeg in hun jonge leven. Zelfdoding wilde ik het liefst buiten hun deur houden. Maar daarvoor was het te laat. Hun vader stierf de dag daarvoor zielsalleen op het spoor. Geen weg meer terug. Dus wachtte mij deze onmenselijke taak.

“Papa heeft het zelf gedaan.”

Lees Meer

Afscheid

“Dat raden we u ten zeerste af. Zijn lichaam is ernstig verminkt.” Dit was het antwoord op mijn vraag of ik mijn echtgenoot nog mocht zien. Ik knikte begripvol. Dat de rechercheur me met zijn antwoord iets belangrijks ontnam, besefte ik nog niet. Ik zat namelijk als verdoofd op de bank. Hij was dood. Mijn geliefde, de vader van mijn kinderen. Verpletterd op het spoor. Ik kreeg slechts zijn kapotte bril en sleutelbos. Het ontbrak me aan moed en helderheid. De boodschap van de rechercheur nam ik klakkeloos aan. Ik zou geen afscheid nemen van mijn overleden geliefde. Die avond stierf er ook iets in mij.

Lees Meer

De poort van jouw hart

Eindelijk. Vandaag ga je schaatsen. Al de hele week kijk je uit naar deze dag. Vorig jaar schaatste je voor de allereerste keer. Wat genoot je. En wat ging het je makkelijk af. Als een ervaren schaatser gleed je over het ijs, met een brede lach van trots en blijdschap. Sportieve meid. Vaak op skeelers naar school, veel leuker dan op de fiets. Regelmatig wil je horen van wie je je sportiviteit hebt. Je weet het allang. Maar elke keer glimlach je trots als ik nogmaals vertel dat je dat van papa hebt. Je hebt het nodig te horen dat je op hem lijkt, dat je dingen doet zoals hij ze deed. Zoals het snoepen van de kaasrandjes. Die randjes die iedereen weggooit, maar waar jij het plastic vanaf trekt, om vervolgens dat heerlijke stukje kaas op te peuzelen. Precies zoals papa dat deed.

Lees Meer

Verdriet delen

“Ik haat dinsdagen”, zegt zoonlief vanmorgen. Hij kan niet goed uitleggen waarom. Hij heeft er gewoon geen zin in vandaag. Hij maakt een boterham met vlokken voor zichzelf klaar. Als hij gaat snijden, vliegen de vlokken in het rond. Meer vlokken naast dan op zijn bord. Hij is er klaar mee. Stampvoetend rent hij naar boven. Als we verzuchten dat hij met het verkeerde been uit bed gestapt is, zegt zijn zusje serieus: “Ik stap altijd met hetzelfde been uit bed.” We lachen. Ondertussen ben ik naar zoonlief toe gelopen. Hij ligt op zijn bed. Ik aai z’n blonde haren en geef een kus op zijn wang. Hij is al wat bedaard, dat zie ik. Ik ben even bij hem. Weinig woorden. Ik zeg hem dat ik zijn boterham wel snijd en dat hij naar beneden mag komen als hij daar weer klaar voor is. Hij neemt zijn tijd en schuift even later weer aan de ontbijttafel. We knuffelen nog wat en vervolgen onze dagelijkse dingetjes. Als ik de kinderen later aanspoor tot tanden poetsen, begint zijn frustratie weer te borrelen. Hij wil niet. Hij wil niets. Hij wil niet naar school. Ik weet allang dat het gemok van vanochtend veel meer is dan ‘met het verkeerde been uit bed stappen’. Ik voel wat er met hem gebeurt. Hij weet zich geen raad. Hij voelt zoveel. De tranen gaan rollen. Het is deze week die hem raakt. Deze eerste week van november. De week waarin we de donkere wolk van 4 november weer voelen. Zelfs als we er niet aan zouden denken, voelen we het in alles. In de klok die weer is verzet. De herfstblaadjes die vallen. De Sinterklaastijd die voor de deur staat. In ons lijf en ons hart. We voelen: het is weer zover.

Lees Meer

Samen staan we sterk

Eerste kerstdag. Ik heb een gebroken nacht achter de rug, na een week vol onrustige nachten. Ik ben moe en baal dat ik al om 5.30 uur wakker word van de kinderen. De moed zakt me in de schoenen. Ik huil. Zo moe en zo alleen. Ja, dit is het. Het leven zoals dat er nu al drie jaar uitziet. Alleen zorgen, niemand die het even van me overneemt. Het is zwaar. Ik huil. Maar ik kan huilen en genieten, na elkaar en naast elkaar, dwars door elkaar heen. Genieten en verdrieten. Het leven nemen zoals het komt. Wij met z’n drietjes, samen staan we sterk! En dus geniet ik van het ontbijtje dat de kinderen me liefdevol op bed komen brengen. Mijn kerstontbijt is een bak yoghurt met muesli en rozijnen. M’n ogen prikken van vermoeidheid, maar de yoghurt smaakte me nog nooit zo goed.

Lees Meer

Zwart en grijs

Ik word wakker en voel me goed. Ik ben verbaasd. Gisteren was ik niets waard. Toen mocht de wereld vergaan, wat mij betreft. Ik lijk wel twee personen.

Lees Meer